De strijd van de Irene Brigade in het land van Maas en Waal

 

De strijd van de brigade in het land van Maas en Waal Geschiedenisboeken zijn meestal erg nuchter als het om feiten gaat, meestal worden zaken vermeld als; "23 september, I B komt onder commando van de commandant van het Ie Luchtlandingskorps (Luit.Gen.F.Browning) samen met de 43e divisie en een brigade van de garde pantserdivisie". Daar houdt het dan meestal mee op.

Als men dan ooggetuigen hoort blijkt daar soms erg veel achter te zitten, soms met humor, maar meestal met een  hoop tragiek.

Laten we eens een paar van deze mensen aan het woord  laten.

Uit het dagboek van pastoor Zijlmans te Beneden-Leeuwen;  24 september: "De geallieerden kwamen overdag hier weer  schieten en des avonds verdwenen ze en onze ondergrondsche konden weinig of niets van hun bewapening krijgen. Ongeveer de eenige bewapening en munitie die we hadden, was datgene wat men op de Moffen had buitgemaakt. In het munitiedepot, dat hier achter in mijn tuin was, zat bedroevend weinig in.

In de nacht van 28 september kwamen 11 Duitsers en 3  NSBers het Tielse veer over, ze drongen, al schietend, tot in  Alphen en maakten 14 fietsen buit. Op 29 september werd  een roeiboot met 12 Duitsers door mannen van de Irene brigade lek geschoten: 11 opvarenden verdronken, de 12e ontkwam zwemmend naar Tiel".

Op donderdag 5 oktober schrijft pastoor Zijlmans: "Wij zitten nog altijd te snakken naar de zuivering van de Betuwe. Er staat wel geregeld wacht aan de dijk, maar het zijn nog slechts onze eigen jongens. Hun getal en bewapening is nog te gering om aan een flinke troep  Moffen, die in  het donker mochten overkomen, het hoofd te bieden."

Op papier was West-Maas en Waal sinds dinsdag 3 oktober bevrijd, maar nog steeds volgde er op de officiŽle bevrijdui  geen geallieerde bezetting. In feite stond het gebied onder Duitse terreur van over de Waal. Van Wamel sloegen de vergeldingsacties over naar Leeuwen. In de nacht van 6 op 7  oktober bereikten ze een verbijsterend hoogtepunt.

De Leeuwense smid, Th.Gosselink, heeft de gebeurtenissen met grote nauwkeurigheid genoteerd. Uit zijn relaas drukken we hieronder het volgende af:

"Het leed dat deze nacht is geleden, zal geen mens in Leeuwen ooit vergeten. Er branden in deze nacht 47 huizen tot de grond toe af. De Duitsers kwamen rond twee uur. Dus van het redden van huisraad e.d. was geen sprake. Ter hoogte van de fam.de Moor kwamen de Duitsers aan wal. Na eerst "wachten" te hebben uitgezet, begint de andere ploeg met het vernietigingswerk. Ze gooien flessen met groene vloeistof door de ramen naar binnen. In een ommezien branden zo de huizen. Er is weinig te redden, het beetje huisraad wat soms wordt gered verbrandt later nog in de vonken. De bewoners van de huizen worden, vaak in hun nachtgewaad, de straat opgejaagd. In deze bewogen nacht zijn twee soldaten van de Irene brigade (Arnoti en Kroon red.) gesneuveld."

 

De grote brandstichting aan de Leeuwense dijk was het sein dat de bevolking van West-Maas en Waal niet langer aan hun lot en een handjevol ongeoefende en slecht bewapende ondergrondsen van de O.D.(Ordedienst) kon worden overgelaten. Op zaterdag 7 oktober werd de batterij artillerie van (Je Irene brigade van Grave over geplaatst naar Horssen onder bevel van het 79 Field regiment Royal Artillery.

Op 8 oktober bleef het in Leeuwen rustig, maar in Druten vielen Duitse granaten op het kerkplein. De herberg tegenover de Drutense kerk brandde tot de grond toe af.

In de nacht van zondag op maandag wisten de Irene-brigadiers en OD'ers met voortdurend mitrailleurvuur een Duitse overtocht te verhinderen. Op 9 oktober betrokken de Engelsen stellingen in Altforst en met hun 25 pounders bestookten ze de Duitse schuilnesten in Ochten, Opheusden en name in de steenoven van IJzendoorn.

De Irene brigade en Engelse troepen werden op 10 oktober versterkt door zo'n 150 man ondergrondsen uit Eindhoven. In het kielzog van de geallieerde opmars hadden deze jongelui onder de naam K.P. (knokploeg) een primitieve vorm van militaire organisatie gevonden. Op de Leenderhei waren zij o.a. door de latere knil-kapitein Raymond Westerling -bijgenaamd de Turk - geoefend op wapenbeheersing. Uniformen droegen ze niet, er was ook geen militaire hiŽrarchie  hadden zich spontaan gegroepeerd rond ťťn leider. Het was een triggerhappy groep, die schoot op alles was bewoog,  vooral 's nachts. Niet iedereen in Maas en Waal was gelukkig met de knallende Brabanders, maar dat veranderde al snel toen ze geŁniformeerd waren ingedeeld bij de 7e Compagnie stoottroepen. Vanaf dat moment werden ze, vooral in Beneden-Leeuwen door de bevolking op handen gedragen.

 

Math. v. Hooff  m.m.v. gegevens Johan van Os, Puiflijk.

 

 

Even enkele data op een rijtje:

 

23 sept.    De Irene Brigade komt onder commando van de commandant van het Ie luchtlandingskorps (luitenant-generaal F. Browning) samen met de 43e divisie en een brigade van de garde pantserdivisie.

 

25 sept.    Verkenningsafdeling houdt verkenning in het land van Maas en Waal en rekent 18 N.S.B.'ers in.

 

26 sept.    De recce bezet een observatiepost in Druten en neemt bedrijvigheid van de vijand waar te Ochten.

's Avonds wordt de recce geplaatst onder bevel van de commandant van de 157 brigade van de Lowland divisie, brigadier Russel geplaatst. Aanvankelijk zou deze door de lucht vervoerd zijn indien er een bruggehoofd gevormd zou zijn in Arnhem.

 

27 sept.    De verkenningsafdeling meldde bedrijvigheid van de Duitsers te Dreumel, de Duitsers staken de Waal over met medeneming van gestolen fietsen. De aanvullingstroepen van de I.B. evacueerden op die dag, onder granaatvuur vanuit het Reichswald, 400 bejaarden uit Nijmegen.

 

28 sept.    Een deel van de taak van de recce wordt overgenomen door de 52e verkenningsafdeling.

 

29 sept.    De Irene Brigade voorkomt de landing van een Duitse roeiboot, schiet deze lek, waardoor 11 Duitsers omkomen door verdrinking en een Duitser zwemmend de overzijde weet te bereiken (Tiel). De Brigade blijft een observatiepost in de steenfabriek te Druten bezetten (overdag) en 's nachts een luisterpost te Deest.

 

30 sept.    Schermutselingen met Duitsers welke in Wamel en Beneden-Leeuwen huizen in brand steken en burgers gevangen nemen en meevoeren.

1 okt.    

2 okt.    

 

3 okt.      Artillerievuur op Ochten.

 

4 okt.     Waarneming van Duitse sleper met vier aken. Britten brengen sleper tot zinken.

 

5 okt.     Verkenningsafd. wordt overgeplaatst naar Horssen (school en oude kerk), van daaruit wordt de patrouillegang voortgezet onder commando van de commandant van het 79 Field regiment Royal artillery.

 

6 op 7 okt.    In deze nacht steken Duitsers de Waal over en steken 47 woningen op de dijk van Beneden-Leeuwen in brand. De Irenebrigadiers Arnoti en Kroon komen om bij een patrouille op die dijk.           

         

8 okt.     Artillerie bombardement van de Duitsers op Druten. De kerk en woningen om de kerk worden zwaar getroffen. Overtocht van de Duitsers wordt verhinderd door de I.B.

 

9 okt.     Royal artillery en geschut van I.B. beschieten met o.a. 25 pounders Duitse schuilnesten in Ochten, Opheusden en IJzendoorn.

 

10 okt.    Versterkingen in Beneden-Leeuwen door 150 man K.P.(knokploeg), later stoottroepen uit Eindhoven e.o. Deze waren opgeleid door kapt. Raymond Westerling  ("de Turk"). Dit was een triggerhappy groep, ze schoten op alles wat bewoog, ook koeien.