De Daimler scout car 'Dingo'.

Rechts de Daimler scoutcar, 1e van links A. van Soest, daarnaast K. van Tintelen en C. Duysters
In 1938 gaf het Britse ministerie van Defensie (War office) de specificaties vrij voor een verkenningsvoertuig. Er was behoefte aan een klein, gedeeltelijk gepantserd voertuig, dat voor verkenning en coördinatierollen zou kunnen worden gebruikt. Van de drie ontwerpen van Alvis Limited, BSA Cycles Limited en Morris Commercial Cars Limited, werd die van laatstgenoemde uitverkoren. De productie werd doorgespeeld aan Daimler, wat een autofabriek was binnen de BSA-groep.
Het voertuig kreeg officieel de naam Daimler Scout Car, maar is beter bekend geworden onder zijn koosnaam Dingo, wat eigenlijk de naam was van het Alvis’ prototype.


Bovenstaande foto’s met dank aan: TanXheaven by Liejon Schoot
Onbetwist één van de best gebouwde verkenningsauto’s in Groot-Brittannië tijdens de oorlog. De Dingo was een kleine tweepersoons pantserwagen. Het werd goed beschermd door 30 mm pantser aan de voorzijde. De motor werd geplaatst in het achtergedeelte van het voertuig. Één van de ingenieuze eigenschappen van Dingo was de transmissie; een versnellingsbak die vijf snelheden in beide richtingen gaf. De bestuurder werd daarom schuin geplaatst om makkelijker in beide richtingen te kunnen rijden. De originele versie had vierwiel aandrijving; toch liet men deze eigenschap vallen in de Mk II, omdat de onervaren bestuurders vonden dat het voertuig moeilijk te besturen was.
Hoewel de Dingo een vlakke plaat onder de chassis had, als bescherming in ruw terrein, was het daardoor juist uiterst kwetsbaar voor landmijnen.
Men had geen reservewiel nodig, want men maakte gebruik van massieve rubberbanden. Mede door gebruikmaking van een onafhankelijke ophanging van de wielen, gaf dat toch een comfortabele rijgevoel. Een draaiende stoel naast de bestuurder maakte het de medepassagier mogelijk om de No. 19 radio en/of de Brengun te bedienen.
De Dingo werd voor het eerst gebruikt door het Britse Expeditieleger tijdens slag bij Duinkerken. Het bleek zo succesvol dat in de oorlogsjaren niet naar vervanging werd gezocht. Tot in de jaren 70 werd de Dingo zelfs nog gebruikt in Cyprus en Portugal.
Modellen
Er waren 5 varianten, die meestal minder belangrijke verbeteringen waren, op de Mk I. In de periode 1939 tot 1945 werden van de onderstaande types 6.626 voertuigen geproduceerd.
Daimler Mk I
Mk I- origineel model met vierwielaandrijving en glijdend dak
Mk I A- met vouwdak
Mk I B- een omgekeerde motor met koelventilator
Mk II- met voorwielaandrijving
Mk III waterdicht gemaakte motor en geen dak
Een nauw verwant voertuig, de Lynx Scout Car, werd
geproduceerd in Windsor, Ontario (Canada) door Ford. Hiervan werden 3255
eenheden gebouwd.
Mk I
Mk II- met versterkte chassis en geen dak
Ford Lynx Scout Car
De specificaties op een rijtje:
|
Daimler Scout Car |
|
|
Karakteristieken |
|
|
Bemanning |
2 |
|
Lengte |
3.2 m |
|
Breedte |
1.7 m |
|
Hoogte |
1.5 m |
|
Gewicht |
3 ton |
|
Bewapening |
|
|
Beplating |
tot 30 mm |
|
1e Bewapening |
.303 Bren gun |
|
2e bewapening |
n.v.t. |
|
Mobiliteit |
|
|
Krachtbron |
2.5 litre, 6-cyl
Daimler benzine |
|
Aandrijving |
4x4 |
|
Wegsnelheid |
80+ km/h |
|
Pk |
55 pk (41 kW) |
|
Actieradius |
320 km |