Haverfordwest - Prinses Irene Brigade

Ga naar de inhoud

Haverfordwest

Aankomst in Wales
Haverfordwest
Aankomst in Wales – mei en juni 1940

De eerste Nederlandse militairen in Wales
Na de Duitse inval in Nederland in mei 1940 probeerden duizenden Nederlandse militairen en burgers aan de Duitse bezetting te ontkomen. Een deel van de militairen trok via België en Frankrijk naar de kust, in de hoop vandaar naar Groot-Brittannië te kunnen oversteken.
Ook groepen Nederlandse militairen die zich in Frankrijk bevonden, zochten een weg naar Engeland. Een van deze groepen bestond uit ongeveer 190 Nederlandse artilleristen. Het ging voornamelijk om jonge militairen die in maart 1940 in dienst waren gekomen, aangevuld met een kleine groep reserveofficieren. Tot de leiding behoorde kapitein Galle. Ook de eerste luitenants De la Porte, Dees en Van de Honert, cadet-vaandrig J. van Poeteren en de kornetten Ritter en Van Poeleur maakten deel uit van de groep.
Op 12 mei 1940 vertrokken zij vanuit Oploo. Hun vlucht voerde via Tilburg en Antwerpen naar de Belgische kust en vervolgens naar Cherbourg in Frankrijk. Daar wachtten zij op een mogelijkheid om de oversteek naar Groot-Brittannië te maken.

Veerboot Lady of Mann

De overtocht met de Lady of Mann
Op 23 mei gingen 160 man hier aan boord van de veerboot Lady of Mann. Het schip was overvol en voer zonder escorte naar Southampton.
In de namiddag kwamen de Nederlanders in Southampton aan. Ze werden naar het station gebracht, waar een trein klaarstond. Waarheen de reis zou gaan, wisten de militairen op dat moment niet.

Tinus van de Wetering en rechts Joop ten Have (bron Elburg in Oorlogstijd)

De trein bracht hen uiteindelijk naar Haverfordwest, een plaats in het zuidwesten van Wales. Onder de militairen bevonden zich ook de Elburgers Joop ten Have en Tinus van de Wetering.

Een eerste ontvangst in Haverfordwest
Haverfordwest werd voor de Nederlandse militairen een eerste verblijfplaats op Britse bodem. Na de lange reis en de onzekere dagen die eraan vooraf waren gegaan, moesten zij wennen aan hun nieuwe omgeving.   

 
Een indruk van het stadje Haverfordwest rond 1940

De ontvangst was eenvoudig. De militairen kregen bij aankomst onder meer een reep chocolade. Vervolgens werden ze naar het gemeentehuis gebracht, waar de burgemeester hen toesprak en iets te eten liet verzorgen.
Voor de mannen, die een lange en vermoeiende vlucht achter de rug hadden, was dit een eerste teken dat ze voorlopig onderdak zouden vinden. Tegelijkertijd was nog lang niet duidelijk hoe hun verblijf in Engeland verder zou verlopen.

De eerste Nederlandse vluchtelingen op de trappen van de Temperance Hall in het centrum van Haverfordwest


De Appèllijst van 30 mei 1940 (Bron S. Meijer)

Slapen op stro
De militairen werden ondergebracht in gebouwen die als tijdelijk verblijf konden dienen. Een van de locaties was de Masonic Hall, die verbonden was aan de plaatselijke vrijmetselaarsloge.
De omstandigheden waren primitief. De mannen moesten op de vloer slapen, waar stro was neergelegd. De onderofficieren kregen een kamer toegewezen waarin grote spiegels aan de wanden hingen.
Na de vermoeiende reis sliepen sommige militairen bijna een etmaal achter elkaar. Toen ze eenmaal waren uitgerust, gingen ze op zoek naar de noodzakelijke persoonlijke spullen, zoals zeep, handdoeken en scheergerei. Die moesten in de plaatselijke winkels worden aangeschaft. De aankopen werden op bonnen geregistreerd, met de bedoeling dat de Nederlandse regering in Londen de kosten zou vergoeden.
Ook een behoorlijke wasgelegenheid ontbrak aanvankelijk. Na enig zoeken ontdekten de militairen buiten het stadje, in een weiland, een eenvoudig gebouwtje met een doucheruimte. Er stond een grote waterketel die met hout of kolen kon worden gestookt.

Een van de militairen herinnerde zich deze primitieve voorziening:

‘Het bleek dat onze wasgelegenheid buiten het stadje in een weiland stond. Hierin stond een plaatijzeren gebouwtje, dat beschikte over een .......doucheruimte. De grote waterketel kon worden gestookt met hout of kolen. En er kwam nog heet water uit ook...’


Op deze foto zit tweede van links de heer Van de Bult, vermoedelijk voor de Masonic Hall

Het dagelijks leven in Haverfordwest
Ondanks de primitieve omstandigheden probeerden de Nederlandse militairen hun dagelijkse leven weer op te pakken. Ze moesten wennen aan hun tijdelijke verblijfplaats, nieuwe voorzieningen ontdekken en contact leggen met de plaatselijke bevolking.
Ook was er ruimte voor ontspanning. Een militair schreef daarover:

‘De meisjes schijnen ons in dit vriendelijke stadje wel te mogen, getuige de vele paartjes ’s avonds in het park.’

De herinnering geeft een kleine inkijk in het leven van de jonge militairen. Na de onrust en onzekerheid van de voorafgaande weken ontstond er langzaam weer ruimte voor gewone, alledaagse contacten.

Nieuwe groepen arriveren
Haverfordwest was niet alleen een tijdelijke verblijfplaats voor de eerste groep Nederlandse militairen. Ook andere groepen die via Frankrijk naar Engeland waren gekomen, werden in de omgeving ondergebracht.

Aankomst via Milford Haven
Op 31 mei 1940 arriveerde een groep Nederlandse militairen in Milford Haven. Ze werden met kleine bootjes naar de kade gebracht en vervolgens per trein naar Haverfordwest vervoerd.
Een van de militairen beschreef de aankomst en de eerste opvang als volgt:

‘Wij kwamen op 31 mei aan in Milford Haven in Zuid-Wales. Een tweetal bootjes kwam ons halen en brachten ons naar de kade. De ontvangst daar was minder mooi: van de boot naar de trein stond een dubbele rij gewapende soldaten.. Na een klein uurtje kwamen we in Haverfordwest aan. Daar stond een gedekte tafel voor ons klaar om onze hongerige magen te stillen. Wij werden ingekwartierd in St. Martens Sunday school waar we op de grond moesten slapen.’

De militairen verbleven in de zondagsschool van St. Martin's Church. Ook daar waren de voorzieningen eenvoudig en moesten de mannen op de grond slapen.

Verhuizingen binnen het stadje
Niet iedereen bleef gedurende de hele periode op dezelfde locatie. Een van de militairen noteerde over de verhuizingen op 5 juni:

‘Op 5 juni verhuisde ik van de Sundayschool eerst na Highstreet 11 en 's middags naar Highstreet 9.’

De aantekening laat zien dat de huisvesting van de Nederlandse militairen in deze dagen veranderde. De mannen werden op verschillende adressen ondergebracht, afhankelijk van de beschikbare ruimte.

Nieuwe aankomst op 7 juni
Op 7 juni kwam per trein opnieuw een groep Nederlandse militairen aan. Het ging om ongeveer dertig mannen die eerder in Vlissingen waren achtergebleven en vervolgens naar Zuid-Frankrijk waren getrokken.
Een van de aanwezigen herinnerde zich:

‘Op 7 juni arriveren per trein een dertigtal jongens die wij in Vlissingen voor het laatst hadden gezien. Ze waren zelfs tot in Zuid-Frankrijk geweest.’


De Appèllijst van 30 mei 1940 (Bron S. Meijer)

Klik hier voor info over Jan Meijer, van het Regiment Artillerie in de Peel divisie, Vak Erp

De Nederlandse vliegeniers
Ook Nederlandse vliegeniers verbleven in Haverfordwest. Hun aankomst en huisvesting verliepen volgens een eigen herinnering op een bijzondere manier. Een van de vliegeniers vertelde:

‘Toen wij vliegeniers hier op 31 mei aankwamen, waren er al 50 officieren en 200 manschappen aanwezig. Wij werden in 8 lege huizen ondergebracht en de officieren moesten zelf kwartier zoeken. Wij kregen al snel bezoek van Prins Bernhard, die ons meedeelde dat wij peter van H.K.H. Prinses Irene waren geworden.’

Van Haverfordwest naar Porthcawl
De verschillende groepen Nederlanders verbleven onder uiteenlopende omstandigheden in Haverfordwest. Het aantal militairen nam toe en de beschikbare onderkomens werden gebruikt om de nieuw aangekomen mannen op te vangen.
Op 10 juni 1940 werden groepen militairen vanuit Haverfordwest per trein overgebracht naar Porthcawl. Na een reis van ongeveer drie uur bereikten zij hun nieuwe bestemming. Vandaar gingen ze te voet naar het tentenkamp Dan-y-Craig, waar Nederlandse militairen uit verschillende onderdelen werden samengebracht.
De periode in Haverfordwest vormde daarmee een eerste fase in het verblijf van Nederlandse militairen in Wales. De opvang was eenvoudig en de omstandigheden waren verre van ideaal, maar de mannen hadden Engeland bereikt. In Porthcawl begon een nieuwe periode, waarin niet alleen het onderdak, maar ook de organisatie en het dagelijks leven van de Nederlandse militairen verder vorm kregen.

Terug naar de inhoud