Intocht Den Haag - Prinses Irene Brigade

Ga naar de inhoud

Intocht Den Haag

Bevrijding
Intocht in Den Haag
8 mei 1945 – De Prinses Irene Brigade in de bevrijde residentie

De Brigade komt aan in Den Haag
Op 8 mei 1945 kwam de colonne van de Prinses Irene Brigade omstreeks 19.00 uur in Den Haag aan. De tocht vanuit Wageningen, via Utrecht, Woerden, Alphen aan den Rijn en Leiden, was een bijzondere gebeurtenis geweest. Overal langs de route hadden mensen de Nederlandse militairen enthousiast begroet.
In Den Haag was de ontvangst overweldigend. Na vijf jaar Duitse bezetting zagen de inwoners eindelijk Nederlandse militairen die deel hadden genomen aan de bevrijding van hun land. Veel mensen hadden verwacht dat Canadese troepen zouden komen. Tot hun verrassing bleken het hun eigen landgenoten te zijn: de mannen van de Prinses Irene Brigade.
Een verslag in het verzetsblad Trouw van 9 mei 1945 beschreef het enthousiasme van de bevolking en de ontroerende weerzienmomenten tussen militairen en hun familieleden. Vrouwen omhelsden hun mannen, kinderen begroetten hun vaders en familieleden die elkaar jarenlang niet hadden gezien, konden elkaar eindelijk weer in de armen sluiten.

Intocht in Den Haag, rechts vooraan in de carrier staat Frank Reuvers, saluerend linksachter Pieter Dijksman.


De opschriften op de voertuigen vertelden hun eigen verhaal. De militairen waren na een lange tocht door Frankrijk, België en Nederland eindelijk in de residentie aangekomen.

De officiële ontvangst
Bij het stadhuis werden de militairen officieel ontvangen. Burgemeester De Monchy sprak de Brigade toe. Ook brigadecommandant kolonel A.C. de Ruyter van Steveninck sprak zijn dank uit voor de ontvangst.
Omstreeks 19.05 uur reed de auto van de commandant voor het stadhuis. De burgemeester begroette hem op het bordes. Vervolgens trok de colonne langs het stadhuis, terwijl de autoriteiten de militairen gadesloegen.
De politiemuziek zette het Wilhelmus in, gevolgd door het Britse volkslied God Save the King. De aanwezigen zongen mee. Het was een van de meest indrukwekkende momenten van de intocht.
In het verslag van Trouw stond dat de voertuigen tijdens de tocht door de stad soms nauwelijks konden doorrijden. Zodra een voertuig even stopte, stroomden mensen toe om de militairen de hand te drukken en naar hun belevenissen te vragen. Overal kregen de mannen bloemen aangeboden en probeerden kinderen en jongeren mee te rijden.
De vreugde van de Haagse bevolking was groot. Na jaren van bezetting was de bevrijding eindelijk werkelijkheid geworden.

De paleiswacht
Na de officiële ontvangst werden de gevechtstroepen verdeeld over de paleizen Noordeinde, Huis ten Bosch en Ruygenhoek. Daar verzorgden zij de paleiswacht.
De militairen werden ondergebracht in de Frederik-Alexanderkazerne en de Julianakazerne. De staf kreeg onderdak in de door de Duitsers gebouwde Clingendaelkazerne.


Paleiswacht bij Paleis Noordeinde. Prentbriefkaart van Jan Lavies.

Ook de bevolking liet haar dankbaarheid blijken. Inwoners legden bloemen neer in de vorm van de letters J, W en B, als verwijzing naar prinses Juliana, koningin Wilhelmina en prins Bernhard.
De militairen hadden de bevrijding van Nederland helpen verwezenlijken en kregen nu zelf de gelegenheid om in de residentie hun nieuwe taak op zich te nemen.

Klik hier voor het bericht van deze intocht van de PIB van 9 mei 1945 in het verzetsblad Trouw.

Hieronder beelden van de intocht in Den Haag
Hulp aan de bevolking
De bevrijding betekende niet dat alle problemen voorbij waren. Veel inwoners van Den Haag leden honger en hadden gebrek aan voedsel. De Brigade hielp waar dat mogelijk was.
Een militair herinnerde zich een ontmoeting met een uitgehongerde man:

‘In Den Haag heb ik nog veel hongerige mensen gezien. Ik wilde net mijn ontbijt nuttigen van brood en worst, toen een broodmagere man mij vroeg: “Mag ik misschien....?” Na mijn toestemming griste hij het weg en stopte het snel in zijn mond.’

Deze herinnering laat zien hoe ernstig de voedselsituatie nog was, ook nadat de bevrijding was uitgeroepen.
De militairen werden in de eerste weken eveneens ingezet bij het oppakken van NSB'ers. Daarnaast hielpen zij bij het opgraven van verzetsstrijders die in de duinen waren gefusilleerd.

Feestavond en voetbalwedstrijden
De volgende weken stonden voor de Brigade in het teken van dank- en herdenkingsdiensten en parades. Ook werden de militairen door de Haagse bevolking uitgenodigd voor feestelijke bijeenkomsten.


Feestavond aangeboden door bevolking Den Haag                    Aankondiging voetbalwedstrijd
(Met dank aan Hayo Ebeltjes)                                                                (Uit privécollectie)

De Brigade had ook een eigen vertegenwoordigend voetbalelftal. Dit team speelde verschillende wedstrijden tegen plaatselijke voetbalclubs en andere samengestelde elftallen, waaronder een elftal van de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten (N.B.S.).
Een van deze wedstrijden vond plaats op 6 juni 1945 om 19.00 uur. De spelers werden met een troop carrier van de Alexanderkazerne naar de Nijkerklaan vervoerd.
De opstelling van het Brigade-elftal is bewaard gebleven:

  • Doel: Tiemersma (Gevechtsgroep I)
  • Verdediging: Visser (Gevechtsgroep III), De Vaan (Gevechtsgroep I), Oomes (Gevechtsgroep I), Ten Have (Gevechtsgroep I)
  • Middenveld: Palmen (Gevechtsgroep I), Greve (hoofdkwartier), Kuneman (Gevechtsgroep III)
  • Aanval: Booting (Gevechtsgroep III), een niet bij naam genoemde speler (Gevechtsgroep I), Balster (Gevechtsgroep I)
  • Reserves: Jonkman (Gevechtsgroep I) en Oznowicz (hoofdkwartier)

De parade in Amsterdam
Op 31 mei 1945 vertrok de Brigade naar Amsterdam. Daar werd een parade gehouden die werd afgenomen door generaal Forster, commandant van de 1e Canadese Divisie.

 
Boven: intocht  Amsterdam 31 mei 1945 met voorop Majoor Scherpenberg cdt van 3e gevechtsunit,  onder: J. Grootkerk in een carrier nabij de Dam


Gevechtsgroep III in Amsterdam ( Foto: H. van den Berg)

De aanwezigheid van de Brigade in Amsterdam was opnieuw een bijzonder moment. De militairen werden door de bevolking ontvangen als bevrijders en namen deel aan de officiële plechtigheden die in de stad werden gehouden.

Erewacht voor koningin Wilhelmina
Op 29 juni 1945 trad de Brigade met haar vaandel op als erewacht op de Dam in Amsterdam, ter gelegenheid van het bezoek van koningin Wilhelmina.

Prins Bernhard inspecteert met Looringh van Beeck een erebataljon van de brigade voor het Paleis op de Dam

Bij Koninklijk Besluit nr. 28 van 3 juli 1945 werd bepaald dat het vaandel van de Prinses Irene Brigade zou worden versierd met het ordeteken van de Ridder der vierde klasse van de Militaire Willems-Orde. Ook werden de opschriften St. Come, Pont Audemer, Beeringen, Tilburg en Hedel aan het vaandel verbonden.

Deze onderscheidingen herinnerden aan de plaatsen waar de Brigade tijdens haar veldtocht had gevochten en aan de bijdrage die de militairen hadden geleverd aan de bevrijding.



De plechtigheid in Margraten
Op 4 juli 1945 leverde de Brigade ter gelegenheid van de Amerikaanse Onafhankelijkheidsdag een erewacht op het Amerikaanse soldatenkerkhof in Margraten. Tijdens de plechtigheid werden kransen gelegd ter nagedachtenis aan de gesneuvelde Amerikaanse militairen.
De aanwezigheid van de Nederlandse Brigade bij deze herdenking onderstreepte de verbondenheid tussen de geallieerde strijdkrachten die gezamenlijk voor de bevrijding van Europa hadden gevochten.

Militaire bijstand in Rotterdam
Op 4 en 5 juli 1945 leverde de Brigade ook personeel voor militaire bijstand in Rotterdam. Daar dreigde een havenstaking. De militairen moesten paraat staan om zo nodig in te grijpen.
Een van hen herinnerde zich:

‘Niemand had er zin in. Het liep gelukkig met een sisser af. We reden tot aan Rotterdam en keerden daarna terug.’

De inzet verliep uiteindelijk zonder dat de Brigade daadwerkelijk hoefde op te treden.

Een nieuwe fase voor de Brigade
Met de intocht in Den Haag en de daaropvolgende plechtigheden kwam voor de Prinses Irene Brigade een nieuwe fase aan. De gevechten waren voorbij, maar de militairen bleven nog enige tijd betrokken bij bewaking, hulpverlening, herdenkingen en officiële optredens.
De intocht op 8 mei 1945 was voor de Brigade een bijzonder moment. Na jaren van ballingschap en een lange veldtocht door Frankrijk, België en Nederland konden de mannen zich weer in hun eigen land laten zien. De ontvangst in Den Haag vormde een tastbaar teken van de bevrijding en van de band tussen de Brigade en de Nederlandse bevolking.
De daaropvolgende parades en herdenkingen herinnerden aan de offers die waren gebracht en aan de plaatsen waar de Brigade had gevochten.
Terug naar de inhoud